Jaap Panksepp. De emotionele systemen vóór taal.
- lunaverdebooks
- 16 jan
- 2 minuten om te lezen
Er is een niveau van mens-zijn
dat geen woorden kent,
geen verhalen,
geen reflectie,
geen zelfbeeld.
En toch stuurt het alles.
Jaak Panksepp bracht dit niveau terug in de wetenschap.
Met zijn werk in de affectieve neurowetenschap liet hij zien
dat emoties geen bijproduct zijn van denken,
maar primaire biologische systemen.
Systemen die evolutionair ouder zijn dan cognitie.
Ouder dan taal.
Ouder dan identiteit.
Hij beschreef een aantal fundamentele emotionele circuits
die in alle zoogdieren aanwezig zijn:
– SEEKING (zoeken, motivatie, gerichtheid)
– FEAR (bescherming, terugtrekking)
– RAGE (grens, afweer)
– CARE (zorg, hechting)
– PANIC/GRIEF (verlies, verbinding)
– PLAY (spel, sociale afstemming)
– LUST (lichaam, voortplanting)
Deze systemen zijn geen gevoelens zoals wij ze benoemen.
Het zijn actieprogramma’s van het zenuwstelsel.
Ze kleuren waarneming.
Ze sturen aandacht.
Ze bepalen betekenis
nog vóór er betekenis wordt gedacht.
Panksepp liet zien dat een mens niet eerst denkt
en zich dan emotioneel voelt.
Een mens wordt emotioneel georganiseerd
en kan daarna soms denken.
Daarmee corrigeerde hij een diepgewortelde misvatting:
dat emoties “irrationeel” zijn.
Zijn onderzoek toont dat zonder deze systemen:
– er geen motivatie is
– geen verbinding
– geen oriëntatie
– geen spel
– geen rouw
– geen zorg
– geen richting
Met andere woorden:
zonder affect is er geen menselijk landschap.
Zijn werk maakt zichtbaar dat wat wij vaak behandelen als “inhoud”
in werkelijkheid een toestand is.
En dat je geen enkel innerlijk proces kunt benaderen
zonder je tot die laag te verhouden.
Dat is ook waarom zijn bijdrage zo relevant is voor deze tijd.
Want veel hedendaagse systemen richten zich op:
– tekst
– gedrag
– keuzes
– patronen
– cognitie
Maar nauwelijks op de vraag:
In welk emotioneel landschap vindt dit plaats?
Panksepp herinnert eraan dat onder elk gesprek
al een stemming werkt.
Onder elke interpretatie
al een activatie.
Onder elke vraag
al een richting.
En dat geen enkel systeem dat met mensen werkt
neutraal is ten opzichte van deze lagen.
Of het reguleert.
Of het verstoort.
Er is geen derde mogelijkheid.
Zijn nalatenschap is daarom geen emotietheorie.
Het is een waarschuwing.
Dat je nooit met “de mens” werkt.
Maar altijd met een emotioneel geactiveerd organisme.
En dat wie die laag overslaat,
niet objectief is,
maar blind.
Opmerkingen